Op 24 maart vond de landelijke Boerenkansdag plaats, een inspiratiedag voor boeren en hun partners die zich met hun bedrijf op een kruispunt bevinden. Het schitterende lenteweer is bijna symbolisch, maar is voor boeren ook een concurrent. “Het is nog vroeg in het seizoen,” reageert één van de deelnemers, “maar er zullen nog wel meer mooie dagen komen.”

“Ondernemen is omgaan met veranderingen,” begint dagvoorzitter Peter Sloot, directeur van Aequator. “In die zin is ook stoppen een stuk ondernemen. Om je heen kijken, je bezinnen op een volgende stap, uitwisselen met ondernemers die in hetzelfde schuitje zitten.”
Dat beraden en bezinnen gebeurt natuurlijk in de workshops, maar zeker ook in de wandelgangen. Deelnemers wisselen met collega’s die in hetzelfde schuitje zitten uit wat hen bezighoudt en voor welke keuzes zij staan. Er is veel herkenning, ondanks verschillende omstandigheden. Het leidt tot een open sfeer tijdens de gesprekken.
Veel deelnemers zijn nog in de oriëntatiefase. Veel ervan willen helemaal niet stoppen en zoeken naar mogelijkheden om te kunnen blijven boeren. “Je hebt te veel omhanden om er buitenshuis iets bij te doen, maar te weinig om er voor de toekomst nog een uitdaging in te zien.” Of: “We moeten enorm gaan investeren, maar het is de vraag of de bank meewil en of we zelf zo groot willen worden. Maar de gangbare neventakken blijken niet rendabel.” Het is te merken aan de aanmeldingen voor de workshop. Er is veel animo voor “Kansen om te blijven boeren”, terwijl “Solliciteren en netwerken” voor veel deelnemers in deze fase nog een brug te ver is.
In twee workshoprondes gaan de deelnemers in kleine groepen in gesprek. Er zijn workshops voor deelnemers die willen doorgaan, zoals “Kansen om te blijven boeren”, ook onderwerpen voor deelnemers die gaan stoppen, of er iets naast willen doen.
Ook het speeddaten tijdens de lunch was populair. Geen boer zoekt vrouw, wel boer zoekt kans. In korte gesprekken legden de deelnemers hun vraag voor aan bijvoorbeeld een ondernemerscoach of een financieel adviseur. Een mooie manier om laagdrempelig mogelijkheden te verkennen en misschien een opstapje naar een uitgebreider gesprek of traject.
Zoals Peter Sloot in zijn inleiding zei: aan het einde van de dag hebben we niet de illusie dat de toekomst voor iedereen volkomen helder is geworden. Maar we hopen we dat we hebben kunnen helpen om een eerste stap te zetten. De stappen die je in je hoofd maakt zijn vaak de belangrijkste!
Aan het eind van de dag gaven de deelnemers aan dat ze het een waardevolle dag hebben gevonden. Enkele reacties:

“Ik had eigenlijk niets met wijn,” vertelt John Huisman, wijnboer op de Reestlandhoeve in Balkbrug. Gelach in de zaal, want Huisman heeft tegenwoordig heel wat met wijn. Samen met zijn vrouw runt hij een succesvol wijngoed op de locatie van zijn voormalige melkveebedrijf. Toen hij in 2001 geveld werd door een hernia zat koeien melken er niet meer in. De koeien moesten weg. Het werd stil. “Wat je je niet realiseert is dat dan ook de contacten wegvallen”, vertelt Huisman. “De tankwagen, de voerleverancier en de boekhouder komen ook niet meer.” Wat nu? In eerste instantie gingen ze jongvee opfokken. “Dat bracht wel dieren en contacten terug op het bedrijf, maar je doet het voor een ander met alle onzekerheid van dien. We wilden weer iets voor onszelf.”
Zijn vrouw, wel een wijnliefhebber, kwam met het idee van een wijngoed. Na een periode van beraden en oriënteren werden in 2003 de eerste wijnstokken aangeplant. In meerdere opzichten was het een verandering. “Als melkveehouder ben je een einzelgänger, als wijnboer moet je met mensen werken.” Vanwege zijn rugklachten doet Huisman voornamelijk de aansturing en de contacten. Dan moet je dingen leren loslaten. Verder heb je als wijnboer veel directer met je consumenten te maken; verkoop aan huis, arrangementen voor 'vrienden van de wijngaard', leasecontracten, vrijwilligers, een jaarlijks wijnfeest. Ook dat was wennen, maar tegenwoordig kan ik er erg van genieten.”
Huisman stelde zich als doel om binnen vijf jaar een wijn te leveren die bij sterrenrestaurant de Librije op de kaart kon komen. Dat lukte het eerste jaar al. “Sommige mensen denken dan dat je binnen bent,” vertelt Huisman, “maar zo werkt het niet. Het is goede reclame, maar je moet echt actief de boer op om je product aan de man te brengen.” Wat mensen vaak ook niet beseffen is dat het opstarten en ontwikkelen van een nieuw bedrijf tijd kost. Al is het maar om de enorme investering terug te verdienen. “We zijn nu zeven jaar bezig. Het gaat goed, maar ik denk dat het nog eens zeven jaar duurt voor alles echt weer loopt, ook in financieel opzicht.”