Natuurgebied
Hans had, in maatschap met zijn ouders, een gesloten varkensbedrijf met 700 varkens. Daarnaast werkte hij in loondienst om het inkomen aan te vullen. Maar het werd steeds duidelijker dat de varkenshouderij geen toekomst had. Het bedrijf lag in een natuurgebied waardoor uitbreiden onmogelijk was, en 700 varkens was veel te weinig voor een rendabel bedrijf. Hans: “Op het laatst kon ik wat ik bij de baas verdiende direct weer in het bedrijf stoppen. Dat heb ik wel vijf jaar volgehouden, maar op een gegeven moment is het klaar.”
Stoppen of emigreren
Het besluit om te stoppen met de varkenshouderij was voor Hans niet moeilijk. Hans: “Ik heb er geen dag spijt van gehad. Terwijl ik het hartstikke mooi werk vond, dat wel. Maar als je er geen inkomen van hebt is het niet zo moeilijk om er afscheid van te nemen. Ik wilde best verder in de varkenshouderij en ik had er ook voor geleerd, maar we konden nu eenmaal niet uitbreiden. Dan zijn er maar twee mogelijkheden: stoppen of emigreren. Als ik werkelijk verder had gewild met de varkens, dan had ik gewoon weg gemoeten. Maar ik wilde op deze plek blijven.”
Naar een reguliere camping
De keuze om een camping te beginnen kwam niet uit het niets: ook Hans’ vader had naast de varkens al een mini-camping en zelfs zijn opa had al een kampeerboerderij. Hans vertelt lachend: “Mensen zeggen weleens tegen me: ‘Ik zou knettergek worden van al die mensen om het huis’. Maar ik ben er zelf mee opgegroeid en vind het juist heel fijn.” In 1998 stopten Hans’ ouders met werken en begon Hans met de procedure om de mini-camping die er al was te kunnen uitbreiden naar een reguliere camping.
Negen jaar hobbels
Niemand had toen kunnen voorzien dat die procedure negen jaar zou duren. Tijdens het traject liep Hans tegen allerlei hobbels aan. Er moest bodemonderzoek en flora- en fauna-onderzoek gedaan worden, waarbij een zeldzame dotterbloem werd gevonden die de procedure vertraagde. Een volgende vertraging kwam doordat de gemeente Vorden fuseerde met een andere gemeente, waardoor alle papieren bij een nieuwe contactpersoon op tafel kwamen die nergens vanaf wist. Toch waren het niet alleen bureaucratische problemen die overwonnen moesten worden. Hans: “Natuurlijk heb je ook te maken met alle procedures, maar je hebt ook iemand nodig die het voor je opneemt. Ik heb heel veel moeten lobbyen bij de verschillende fracties in de gemeenteraad.”
Kosten en baten
Een camping beginnen vraagt grote investeringen. Gelukkig kon Hans deelnemen aan een regeling waarbij boeren die stopten met hun bedrijf geld kregen voor het slopen van de stal. Voor dat geld konden ze het sanitairgebouw neerzetten. Ook de jaarlijkse kosten zijn hoog. De camping heeft het keurmerk ‘kleine groene camping’. Dit soort campings moet aan zoveel regels en kostbare lidmaatschappen voldoen dat ze vaak duur zijn ten opzichte van de mini-campings. Toch kiest Hans er bewust voor om de prijs laag te houden. En dat werkt: in de zomer kunnen ze de drukte bijna niet aan, en buiten het hoogseizoen staat de camping nog steeds behoorlijk vol, terwijl de campings in de omgeving bijna leeg zijn. Ook hebben ze bewust gekozen voor een camping speciaal voor mensen zonder kinderen. Dat trekt veel ouderen aan, die voor de rust komen.
Zelf inspelen op de markt
Het leuke van de camping vindt Hans het omgaan met de mensen. Hans: “En de waardering dat je het goed doet, daar doe je het voor.” Ook ben je als ondernemer in de recreatie veel minder afhankelijk van anderen dan als varkenshouder. Hans: “Als varkenshouder ben je steeds afhankelijk van anderen, van Albert Heijn, van de overheid. We hebben wel vier of vijf keer verbouwd omdat de afnemer die eisen stelde. Daar ben je continu mee bezig, maar het wordt niet betaald. Met de camping kun je zelf toch een beetje beter inspelen op de markt.” Het lastigste van het werk als campinghouder is voor Hans wanneer het niet lukt om het iedereen naar de zin te maken. Hans: “Als mensen ontevreden zijn, daar slaap je ’s nachts gewoon slecht van.”
Positieve reacties
Hans had altijd veel contact met andere varkenshouders in de buurt. Toen de camping eenmaal draaide kreeg Hans positieve reacties van de boeren uit de omgeving. Hans: “Veel boeren zien het als een schande om te stoppen, tenminste toen nog wel. Het is toch een beetje een taboe: stoppen is het voor sommigen een teken dat je het niet goed gedaan hebt. Maar een heleboel boeren zeiden later: ‘je hebt toch een verstandige keuze gemaakt’. Die vonden het knap dat ik het risico heb genomen om te stoppen. Dat vond ik leuk, dat ze dat zeiden.”
Verder kijken
Hans ziet de toekomst voor de camping zonnig in. Er liggen plannen om op korte termijn uit te breiden van 70 naar 100 plaatsen. De grootste uitdaging is volgens Hans om zich te blijven onderscheiden van de overige campings. Wanneer het kampeerseizoen voorbij is zit hij dan ook niet stil. In de winters werkt hij in het agrarisch natuurbeheer, aan de aanleg en onderhoud van nieuwe natuur. Daarnaast houdt hij zich bezig met de jacht en het opleiden van zijn jachthonden. Die brede kijk is volgens Hans heel belangrijk. Boeren die twijfelen over stoppen wil hij dan ook de volgende tip meegeven: niet bang zijn om iets nieuws aan te pakken. Hans: “Verbreden is voor een boer vaak een heel moeilijke stap.Er zijn een heleboel boeren die zeggen: ‘iets heel anders gaan doen, dat kan ik helemaal niet.’ Maar die hebben altijd in het kleine cirkeltje op hun eigen bedrijf gezeten. Je moet iets verder leren kijken.”

